Met de vereenvoudiging van de Arbowet in 2007 is het begrip Arbocatalogus geïntroduceerd. In de wet werden doelvoorschriften voor veilig en gezond werken opgenomen en werkgevers en werknemers kregen de mogelijkheid gezamenlijk afspraken te maken hoe men aan deze doelvoorschriften gaat voldoen. In het geval van doelvoorschriften wordt in de wet de norm aangegeven, niet de wijze waarop deze norm in de praktijk moet worden gehaald.

Arbocatalogi en nieuwe digitale media en technologie
In een arbocatalogus worden normen, technieken en goede praktijken beschreven die in een branche of bedrijf gebruikelijk zijn. Omdat werkgevers en werknemers dat prima zelf kunnen, bemoeit de overheid zich zo weinig mogelijk met de inhoud van een arbocatalogus. De Inspectie SZW toetst de arbocatalogus daarom marginaal en kijkt of de arbocatalogus adequaat is (geschreven op het werk dat in het bedrijf of de branche wordt gedaan) en op de juiste wijze tot stand is gekomen (of alle noodzakelijk betrokken partijen bij het opstellen zijn geraadpleegd). Uiteraard wordt ook gekeken of met de beschreven maatregelen aan de wet wordt voldaan en/ of de doelvoorschriften kunnen worden gehaald. Werkgevers en werknemers zijn verantwoordelijk voor de inhoud en de verspreiding van de arbocatalogus, die voor iedereen binnen het bedrijf of branche beschikbaar moet zijn. Tijdens een inspectie op de werkplek wordt door de overheid rekening gehouden met de maatregelen die in de arbocatalogus zijn beschreven. Vaak zijn er in een bedrijf of branche meerdere thematische arbocatalogi beschikbaar, bijvoorbeeld over het voorkomen of terugdringen van werkdruk, het voorkomen van RSI/KANS of het omgaan met gevaarlijke stoffen. Er zijn (nog) geen arbocatalogi waarin eisen zijn vastgelegd over nieuwe digitale media en technologie. Wel worden in verschillende arbocatalogi afspraken genoemd voor meer traditionele technologie zoals computergebruik.

‍‍Overzicht arbocatalogi
Om de arbocatalogus onder de aandacht te brengen van alle werknemers in een bedrijf of branche wordt vaak gebruik gemaakt van een website. Hier kan de tekst van een arbocatalogus worden geplaatst en kunnen tools worden gedownload. Alle informatie is op deze manier voor iedereen gemakkelijk beschikbaar. In de digitale RI&E-instrumenten die steeds vaker worden gebruikt, staan veelal verwijzingen naar de arbocatalogus op de website. Op internet zijn alle beschikbare arbocatalogi gepubliceerd en te vinden via het Arboportaal.

Naast arbocatalogi zijn er generieke RI&E-instrumenten beschikbaar, maar in branches met specifieke risico’s is vaak een eigen branche specifiek RI&E-instrument ontwikkeld. Deze RI&E-instrumenten verwijzen veelal naar onderdelen uit de arbocatalogi. Mobiele apparaten, zoals tablets, kunnen worden gebruikt om RI&E-vragenlijsten op de werkplek zelf in te vullen. Via mobiele communicatie kunnen de resultaten direct naar een centrale server worden overgebracht, zodat aansluitend een nieuwe werkplek kan worden onderzocht. Dit heeft verschillende voordelen: alle gegevens worden op dezelfde manier ingevuld, het levert tijdswinst op en er worden geen fouten meer gemaakt in het overnemen van de onderzoeksresultaten.